Steeds meer bedrijven gebruiken mobiele energieopslagsystemen (EOS). Maar wie zorgt voor de veiligheid bij verhuur, plaatsing en gebruik? Als adviseur is het belangrijk om niet alleen naar de techniek te kijken, maar ook naar de afspraken over verantwoordelijkheden.
Deze richtlijnen helpen bij het veilig gebruiken van een mobiele EOS. Bedrijven gebruiken deze systemen bij een overbelast stroomnet, voor tijdelijke stroom op bouwplaatsen en voor duurzame stroom tijdens evenementen. Naar verwachting wordt PGS 37-1 medio 2027 vastgelegd in wetgeving.
Bij deze verantwoordelijkheden zijn vaak meerdere partijen betrokken: de fabrikant, verhuurder, transporteur, installateur en huurder of gebruiker. De verhuurder levert een technisch werkend systeem af. Daarna verschuift de verantwoordelijkheid, maar het is niet altijd duidelijk naar wie. Blijft de verhuurder verantwoordelijk voor een veilige opstelling en het volgen van de voorschriften? Of ligt die verantwoordelijkheid volledig bij de huurder?
In de praktijk zijn deze afspraken niet altijd duidelijk vastgelegd. Daardoor kan bij een incident onduidelijk zijn wie aansprakelijk is, wie toezicht houdt en wie voor de veiligheid moet zorgen. Kijk als adviseur daarom niet alleen of de mobiele EOS aan de technische eisen voldoet. Let ook op of de taken en verantwoordelijkheden van alle partijen duidelijk zijn beschreven.
Het gaat hierbij om de mobiele EOS én de installatie waarop deze is aangesloten. Meestal is de gebouweigenaar of de directie van een bedrijf de installatieverantwoordelijke. Deze taak kan worden overgedragen aan een gekwalificeerde medewerker of een externe partij, zoals een installateur. Maar wie heeft deze taak bij een mobiele EOS? En zijn de taken en verantwoordelijkheden voor beide installaties goed geregeld?
Deze overdrachten vinden plaats bij het transport, de plaatsing, het gebruik op locatie en het terugnemen van de mobiele EOS. In al deze fasen is aandacht voor veiligheid nodig. Daarom is het belangrijk dat voor elke fase een verantwoordelijke is benoemd.
Deze controle is nodig nadat de verhuurder of leverancier de mobiele EOS op locatie heeft geplaatst. PGS 37-1 beschrijft de voorwaarden voor een veilige opstelling. Wie controleert of de opstelling daaraan voldoet? Denk bijvoorbeeld aan:\
Deze veranderingen komen vaak voor op bouwplaatsen en evenemententerreinen. Een mobiele EOS die vandaag veilig staat, kan enkele weken later in een heel andere omgeving staan. Volgens PGS 37-1 mag een mobiele EOS bijvoorbeeld niet binnen het bereik van vallende lasten staan. Een plek binnen de draaicirkel van een hijskraan of direct naast een bouwsteiger vormt daarom een risico. Een vallende last kan de mobiele EOS beschadigen en mogelijk leiden tot brand of thermal runaway.
Ook aanrijdrisico’s, verkeersroutes op het terrein en andere veranderingen vragen aandacht. Daardoor betekent een veilige opstelling bij plaatsing niet automatisch dat deze veilig blijft.
Dit toezicht is belangrijk om te controleren of de situatie veilig blijft en de veiligheidsmaatregelen in stand blijven. De verhuurder is vaak niet op locatie aanwezig. De gebruiker kent de voorschriften niet altijd voldoende. Daardoor kunnen veel partijen betrokken zijn, terwijl niemand actief controleert of de veiligheidsvoorwaarden worden gevolgd.
Deze instructies moet de gebruiker krijgen bij het plaatsen van de mobiele EOS. Daarnaast is het verstandig om de opstelling regelmatig te laten controleren door iemand die verantwoordelijk is voor de veiligheid. Dat kan bijvoorbeeld een VCA-medewerker of een KAM-coördinator zijn. Deze persoon kan met een checklist beoordelen of de mobiele EOS nog veilig staat.
Deze controle richt zich op de zaken waarop de gebruiker zelf invloed heeft, niet op de techniek binnen in de mobiele EOS. Controleer minimaal:
Deze controle is belangrijk omdat niet alle schade meteen zichtbaar is. Een mobiele EOS die maanden op een bouwplaats heeft gestaan, kan zijn blootgesteld aan schokken, trillingen, aanrijdingen en extreme weersomstandigheden. Ook onzorgvuldig gebruik en verkeerde aansluitingen kunnen schade veroorzaken.
Voordat de mobiele EOS opnieuw wordt verhuurd, is het daarom verstandig om vast te stellen:
Onderhoud mag alleen worden uitgevoerd door bevoegd en getraind personeel.
Deze afspraken verdienen opnieuw aandacht als de mobiele EOS van locatie, gebruiker of omgeving wisselt. Bij zulke overdrachten kunnen ook de verantwoordelijkheden veranderen. Zonder duidelijke afspraken blijft het risico bestaan dat veel partijen betrokken zijn, maar niemand de verantwoordelijkheid neemt. Daar ligt een belangrijke uitdaging voor verhuurders en gebruikers.
Onze risicodeskundigen helpen je graag.